
Na haar zwangerschapsverlof is Laraya weer terug te vinden op het basketbalveld, een jonge moeder van 27 jaar die als valide speler veel energie haalt uit rolstoelbasketbal. In haar omgeving roept dat regelmatig vragen op, want ze loopt gewoon. Waarom speelt ze dan rolstoelbasketbal?
Dit is De vraag die Laraya Veenstra telkens krijgt als ze vertelt wat ze doet. En eerlijk gezegd, ze begrijpt die verwarring wel. Wat velen namelijk niet weten: je hoeft niet gehandicapt te zijn om van het spelletje te houden en om in een rolstoel te spelen. Laraya is het levende bewijs dat sport veel meer kan zijn dan wat je lichaam ‘moet’ kunnen – het gaat om wat je hart wil en de betekenis die je hier zelf aan geeft.
Sport in de rolstoel: kruisbanden, keuzes en gunfactoren
Het begon allemaal met korfbal. Dit heeft Laraya met veel plezier gedaan tot haar 18e, tot ze haar kruisband scheurde tijdens een wedstrijd. Een operatie en jaar revalidatie volgde. Ze probeerde terug te keren, maar het voelde niet goed. Dus ze experimenteerde met andere opties: boksen, squashen en de mudmasters. Tijdens die mudmasters scheurde ze dezelfde kruisband opnieuw, waardoor er opnieuw een operatie en een jaar revalidatie volgde.

“Ik ben nog ongeveer vijf kilometer doorgegaan met maar één kruisband,” voegt ze er lachend aan toe. “Achteraf niet echt slim, maar op dat moment wist ik niet wat er mis was en was mijn enige doel om hem uit te lopen.”
De orthopeed was duidelijk: valide sporten werd afgeraden, want nog één keer scheuren en er valt niet veel meer te repareren. Laraya moest nadenken, maar leven zonder sporten en een uitlaatklep is geen optie. Toen gebeurde hetgeen wat alles zou veranderen. Via via kende zij iemand die in een rolstoel zat en rolstoelbasketbal speelde. “Hij zei: kom anders gewoon een keertje meedoen.”
Dat was in 2019, bij Redeoss in Delft. Dat ene keertje werd voor altijd. Eerst leende ze een rolstoel, later kon ze er zelf een aanschaffen – dankzij een briefje van haar orthopeed en een gemeente die begreep dat blijven sporten beter voor haar was dan stoppen. “Het was een samenloop van heel veel gunfactoren,” zegt Laraya. “Maar je moet wel weten hoe je die beschikking aanvraagt en wat de gemeente wil horen.”
Eredivisie, maar niet altijd
Laraya speelde voor verschillende clubs – Delft, Leiden – en belandde uiteindelijk bij Devedo in de Eredivisie. “Halverwege mijn eerste seizoen in de Eredivisie kwam ik erachter dat ik zwanger was”, hierdoor zette zij de basketbal even op pauze. Dit seizoen heeft zij bewust de wens uitgesproken om in de Eerste Divisie te gaan spelen. “Heel fijn dat er dit jaar voldoende spelers zijn bij Devedo om in alle drie de divisies een team te hebben, waardoor ik ook terug kon naar de Eerste Divisie”, aldus Laraya.
“Ik wilde de lat iets lager leggen,” vertelt ze. “In plaats van altijd te presteren tegen mensen die vijf keer per week trainen, wil ik nu gewoon lekker ballen. Plezier maken.” Zeker in combinatie met het gezinsleven zijn de veranderende prioriteiten goed te begrijpen.
Het is een les die veel (top)sporters moeilijk leren: je kunt je ding blijven doen zonder alles uit jezelf te moeten geven. Laraya heeft dat begrepen. En ze wil dat anderen – zeker ook andere jonge moeders – dat ook begrijpen.
Moederschap en teruggaan naar het veld

Vier maanden geleden beviel Laraya van haar zoon Mayce. Zeven weken na de bevalling stond ze alweer op het basketbalveld mee te trainen en de week erna een wedstrijd te spelen.
“Zo snel een wedstrijd spelen was eigenlijk niet helemaal mijn bedoeling,” geeft ze toe. “Ik dacht: we zien wel wanneer dat gaat gebeuren. Maar als het team spelersnood heeft, zeg ik ja ik kom – met één duidelijke grens: één wedstrijd, niet twee op een dag.”
De gevolgen waren de dagen erna voelbaar. “Ik had flinke spierpijn overal. Ik was daarna helemaal niks meer waard.”
Toch voelt het goed. Ze trainde eerst twee keer per week, maar toen zij begon met werken heeft ze dat teruggebracht naar één keer. Ze werkt drie en een halve dag per week als ambulant gezinsbehandelaar in de specialistische Jeugd-GGZ. Werk dat je niet op de automatische piloot kunt doen. Ze geeft borstvoeding. Ze heeft een liefdevol gezin. En ze speelt basketbal.
“De balans is nog niet gevonden,” zegt ze eerlijk. “Maar ik verwacht dat ook niet binnen nu en een paar maanden. Dat heeft tijd nodig.”
Waarom ze het doet: de uitlaatklep
Voor Laraya is sporten altijd een uitlaatklep geweest. Psychisch gezond voelen. Haar lichaam voelen. Zichzelf voelen.
“Richting het einde van de zwangerschap dacht ik echt: ik moet weer iets gaan doen. Ik ben overal en nergens in mijn hoofd en begon mijzelf in de weg te zitten. Ik miste die uitlaatklep,” vertelt ze.
Dat is ook haar boodschap aan andere jonge moeders, en aan valide spelers die overwegen om rolstoelbasketbal te proberen: doe hetgeen wat goed voelt en laat je niet tegenhouden door wat anderen denken dat je zou moeten doen.
“Mensen denken nog steeds regelmatig: ik ben moeder, dus ik moet naast werk altijd thuis bij de kinderen zijn. Maar als je het kan regelen – je partner thuis als jij traint, familie die opvangt als jij wedstrijden speelt – doe dat dan. Zorg dat je je eigen ding blijft hebben en goed in je vel zit. Want je identiteit hoeft niet alleen moeder te zijn.”
De connector: werk, sport en familie

In haar werk als gezinsbehandelaar werkt Laraya met gezinnen waar ouders/kinderen vragen hebben. Ze helpt ouders de context rondom hun kind zo in te richten dat het werkt voor hen. Het vraagt veel: empathie, structuur en het vermogen om op verschillende niveaus te communiceren.
Diezelfde kwaliteiten brengt ze mee naar het basketbalveld.
“Met korfbal was ik heel fanatiek en met een duidelijke winnende mindset. Ik kon boos worden op teamgenoten,” geeft ze toe. “Maar bij het rolstoelbasketbal merk ik dat ik makkelijker kan schakelen tussen verschillende niveaus en behoeften. Ik weet: iets lukt niet omdat hij het niet wil, maar omdat het gewoon niet lukt. Dat is een groot verschil.”
Ze is op haar best in de rol van ‘connector’ – iemand die verbinding maakt, die luistert, die begrijpt. Niet de leider die alles bepaalt, maar de persoon die ervoor zorgt dat iedereen zich gezien voelt en mee kan doen in het spel.
Gezondheid: meer dan fysiek
Wanneer er aan Laraya gevraagd wordt wat gezondheid voor haar betekent, denkt ze even na.
“Aan de ene kant heb je fysiek gezond zijn. Dat is dat ik kan doen wat ik wil, genoeg energie heb, goed voor mijn lichaam zorg en gezond eet en drink. Aan de andere kant heb je psychisch gezond zijn: balans hebben, uitdagingen hebben, maar ook rust kunnen pakken. Niks doen mag ook oké zijn.”
Ze lacht. “Alles is balans. Weer terug waar we dit interview mee begonnen: balans. Dat is het thema van mijn leven.”
De boodschap
Voor jonge moeders die willen blijven sporten. Voor valide spelers die willen proberen. Voor iedereen die denkt dat het niet meer kan:
Doe hetgeen wat goed voelt. Zoek hetgeen wat bij je past. Laat je niet tegenhouden door meningen van anderen. Zorg dat je je eigen identiteit opbouwt, want je identiteit is meer dan één rol.
En ja – je kunt gewoon lopen en toch rolstoelbasketbal spelen. Laraya doet het. En ze gaat voorlopig niet stoppen.
Beeld: Ilse Schaffers | Winterkamp 2022
Wat fijn om ons kleinkind op deze manier in het zonnetje terug te zien. Wij wisten natuurlijk al dat ze van alles aanpakt en een doorzetter is. Het is leuk dat dat in brede zin ook wordt herkent.